Overname van uw kredieten door een andere bank.
De laatste tijd zien we verschillende ondernemers de stap zetten naar een andere bank.
Voor u overstapt naar een andere bank, stelt u zich best eens de vraag waarom uw eigen bank niet meer geïnteresseerd is om krediet te geven (en nog meer te verdienen). Is de bijkomende financiering echt zo'n groot risico voor de bank en wellicht ook voor uzelf?
-
Indien niet:
- Hebt u uw zaak goed genoeg uitgelegd?
- Hebt u gesproken met een kredietadviseur, die uw sector kent en snapt?
Zijn er nog hefbomen die het rendement kunnen verhogen of de kosten kunnen verlagen? -
Hebt u een eigen voorstelling gemaakt van uw bedrijfsbalans, uw bedrijfsrendement, uw kasplanning?
- Waar zit het misverstand?
- Kan u -met ondersteuning van uw boekhouder of consulent- de misvatting niet beter recht zetten?
- Indien toch een groot risico:
Sommigen nemen alleen hun nieuwste krediet bij een ander bank. Heel dikwijls begrijpen we de stap: indien uw bestaande bank niet meer kan of wil volgen, kan het interessant zijn om uw liquiditeitsproblemen op te lossen met een krediet bij een andere bank. De nieuwe bank kent mogelijk uw voorgeschiedenis van liquiditeitsproblemen niet en rekent minder risicomarge door. Toch willen we u wijzen op enkele mogelijke nadelen.
- Financieringen bij 2 (of meer) banken zorgen later soms voor een stuk wantrouwen bij beide bankiers, omdat geen enkele bank nog echt duidelijk zicht heeft/krijgt op de werkelijke financieringsgraad (en spaarvolume) van uw bedrijf.
- Indien u in een latere fase nog uitstel wenst, wordt er soms een "kip- en het ei-spel" gespeeld over welke bank eerst een uitstel toestaat. (uitstel van aflossing wordt door de bank ervaren als een verlengd risico).
Anderen zeggen hun bestaande bank volledig vaarwel en stappen met alle bestaande en het nieuwe krediet naar de nieuwe bank.
- Het voordeel is eveneens dat u de kortlopende restschulden beter kan gespreid krijgen, met een tarief dat een stuk interessanter is dan bij de bestaande bank. We zien bovendien dat op dat moment leveranciersschulden en bedrijfsfinancieringen op korte termijn (kaskrediet, straight loan) soms omgezet worden in termijnkredieten met een lagere rente en een rustiger spreiding van de aflossingen.
-
Er zijn echter ook nadelen:
De overstap kan bijzonder duur uitvallen en het rentevoordeel op jaarbasis sterk verminderen.
Denk aan:
- De wederbeleggingsvergoeding kan erg oplopen. Kijk hiervoor na welk
laatste kredietcontract u hebt getekend (de kleine lettertjes) en vraag, vooraleer u beslist over te stappen, 'pro forma' een voorlopige afrekening aan bij uw huidige kredietgever.
-
Schrapping van bestaande waarborgen (hypotheek en registratiekantoor)
- Vestiging van nieuwe waarborgen.
Nota bene: Verderzetting van een reeds goedgekeurde VLIF-waarborg is niet mogelijk: dit kan dus voor onverwacht duurdere waarborgen zorgen bij de nieuwe bank.
- Vertraagde verderzetting van uw rentesubsidie over de VLIF-waardige kredieten (zie verder).
Bijkomende uitleg over mogelijke problemen rond verderzetting rentesubsidie.
Sommige bankkantoren laten na om -bij overname van VLIF-waardige kredieten- de administratieve rompslom rond de VLIF-rentesubsidie correct aan te pakken, wat kan uitdraaien op een serieuze financiële aderlating voor de landbouwondernemer. Verschillende adviesvragers toonden ons dossiers waarin de VLIF-steun hierdoor is verloren gegaan.
De procedure is nochtans duidelijk omschreven in omzendbrief 42 a:
"Bij een vervroegde terugbetaling van één of meer gesubsidieerde kredieten met een termijnkrediet afgesloten bij een andere erkende kredietinstelling kan enkel de rentesubsidie verder verkregen worden op voorwaarde dat:
- ten minste één van de betrokken rentesubsidies nog een duur heeft van drie jaar;
- het nieuwe termijnkrediet ook minimaal een duur heeft van drie jaar.
De rentesubsidie wordt voortgezet onder de voorwaarden die gesteld werden bij de oorspronkelijke beslissing.
Het VLIF zal de overnemende kredietinstelling informeren over de genomen beslissing met inbegrip van de praktische informatie over de op te vragen steun.
De aanvraag gebeurt met een eenvoudig schrijven door de overnemende kredietinstelling dat volgende informatie bevat:
- gegevens over het nieuwe krediet (bedrag, duur, rentevoet, wijze van aflossen, waarborgen,…);
- een overzicht van de kredieten die overgenomen worden met ten minste een vermelding van het saldo en het VLIF-nummer;
- een formele verbintenis om te waken over de naleving van de voorwaarden gehecht aan de steunverlening;
- de eigenlijke vraag.
De aanvraag is vergezeld van een verklaring van de oorspronkelijke bank waaruit blijkt dat de betrokken kredieten terugbetaald zijn."
De enige verklaring, die de bank, waar de kredieten vereffend zijn, moet voorleggen, is dat de kredieten vereffend.
De 'oude' kredietvoerende bank moet dus géén goedkeuring geven aan de nieuwe bank.
Voor de overnemende bank is het natuurlijk een héél werk.
Een verwittigd man is er 2 waard en bespreekt dit op voorhand met zijn nieuwe bankparnter. U vraagt dus best zijn engagement op papier en volgt dit best goed op. De buitendiensten van de VLIF-administratie kunnen u hierover ook verdere uitleg geven.
|
 |